Mijn jaarlijkse trip to Sri Lanka (II)

vervolg nov / dec. 2016 (II), Erna Ramstijn 

Gisteren was de opening van de ‘stage’ op de Mankadawela School, door SLS  gebouwd met geld van de Internationale School Breda. De astroloog bepaalt de meest gunstige datum/tijd voor een gebeurtenis of handeling: ‘nikkit-time’. De opening(shandeling door Janny)  van de nieuwe stage vindt dan ook plaats op vrijdag 2 dec. om 08:49u, dat kwamen de monniken zeggen. Met de GSM in de hand, op de seconde af, knipt Janny het lint door, met het gezicht gericht naar het noorden (waar Boeddha vandaan kwam …).

Dan, terwijl de stralen over mijn rug lopen en m’n knieën zichtbaar vocht doorlaten, hoor ik de monniken hun eentonige verhaal vertellen, in samenspraak met de aanwezige ouders en kinderen.

Mijn zweetlapje is doorweekt. Er zijn Singalese toespraken met af en toe een stukje in het Engels samengevat, het schoollied wordt gezongen; de kinderen staan in de felle zon al zéker meer dan een uur, rij aan rij. Dan krijgen de kleinsten toestemming om in de schaduw te gaan staan. Later volgen ook de andere kinderen richting schaduw.

Tot slot genieten wij nog even van een blok ‘milkrice met chilimengsel’ en een kop ‘plain tea’. Nou ja, plain? Zwarte thee met ontiegelijk veel suiker.

We gaan door naar de Mahamankadewela School, voor de jaarafsluiting!

Intussen neemt het aantal rond te brengen schooltassen gestaag af, nog even doorzetten. Het zijn soms pittige dagen, waarbij we pas om 15u aan de lunch toe komen. Maar als we eenmaal in het verste deel van het buitengebied zijn, gaan we dóór: 100 km in de tuktuk is dan normaal, en dat gebeurt toch wel vaker dan één keer. Nou ja, de harde rechte bankjes zitten goed, flink meebewegen met alle bochten, hobbels, gaten en genieten van de wind in de open tuktuk. Geen beter vervoermiddel dan de tuktuk hier, in zo’n warm land. En genieten van de prachtige stukken land, de palmbomen, de rijstvelden, de passerende, áltijd vriendelijke, zwaaiende mensen. Sri Lanka heeft bovendien z’n eigen, vertrouwde geur!! Dat ruik je eigenlijk al onmiddellijk zodra je het vliegveld verlaat …

Janny is momenteel enorm in gevecht met superkleine miertjes, van nauwelijks een millimeter. Ze marcheren hier altijd al door het huis, op voor hen de fijnste plekjes. In de keuken óveral, hier en daar in een lange rij langs de muur (tja, alles is open, wat wil je, vrije toegang!), over het aanrecht, in de kastjes, en ook over al ín, als ze de kans krijgen. Als je bij ons op zoek bent naar iets eetbaars, kijk dan gewoon in de koelkast, daar vind je álles! Niet alleen de gewone dingen, maar ook brood, crackers, zoutjes, dropjes, papaya, echt alles. In de hoop dat we zo tóch iets zonder mieren kunnen eten. Maar niet alleen dat, zelfs de duct-tape ligt er in, (in de vriezer!! Lachen!) lippenstift, en meer dingen die niet tegen de warmte kunnen.

Maar wat die miertjes betreft: die hebben de weg gevonden naar Janny’s bed, en dat is nog minder geslaagd dan de weg in de keuken. Iedere nacht wordt ze wakker van colonnes miertjes die het nodig vinden om zich met haar te ‘plezieren’. Overdag gaat ze dan ook in gevecht met haar matras, in de hoop de boel te verdrijven. Matras naar buiten, alles openritsen, schoonmaken, de hete zon erop, inspuiten met allerlei ‘troep’, alles wassen enz. Ik herinner me een herhaling van zetten van vorige jaren …

Gisteravond kwam er een goede bekende langs (heee, geen bananen!? Nee, die kwam ons uitnodigen ‘for dinner’!) en hij bood aan om vanmorgen om 9u met een speciaal bestrijdingsmiddel langs te komen. Helaas, het is nu avond en hij moet nóg komen! Dus vanmiddag zelf maar e.e.a. gekocht.